Test jouw energiebalans

Test jouw energiebalans

Start de test

Opvoeding voor bewuste ouders 

Leestijd 5 minuten
kids
opvoedtips opvoeding

Tijdens de eerste jaren van je leven worden er een heleboel lessen meegegeven. In diezelfde periode, ongeveer tot je achtste levensjaar, vorm jij de basis van jezelf. Dus wat je hebt meegemaakt in je jeugd, welke lessen je hebt geleerd, welke ‘regels’ je vanuit huis uit mee hebt gekregen tijdens jouw opvoeding, spelen allemaal mee bij wie jij vandaag de dag bent. Het speelt allemaal een rol bij de manier waarop jouw brein is geprogrammeerd.

Wat is een programmering?

Programmeringen zijn de gedachtes, gewoonten, ideeën en gedragingen die je brein voor waarheid aan heeft genomen. Deze zijn in jouw neurale netwerken verankerd en heel veel gebeurt daardoor op de automatische piloot vanuit jouw onderbewustzijn. Het zijn dan ook de onderbewuste systemen die bepalen hoe jij naar de wereld kijkt. Ben je bijvoorbeeld van mening dat je altijd je bord leeg moet eten? Of vind je dat het uitten van emoties zwak is? Moet het huis helemaal opgeruimd zijn voordat jij kan ontspannen? Of misschien heb jij wel het idee dat je altijd vrolijk en positief moet zijn. Dit zijn allemaal voorbeelden van overtuigingen, het is jóúw waarheid.

Opvoeding en programmeringen

In de opvoeding ontvang je als kind veel programmeringen van je ouders of opvoeders. Ook geef je veel programmeringen door als je zelf één of meerdere kinderen opvoedt. Wetende dat de eerste 8 jaar heel vormend zijn, kan je daar dus ook op inspelen. Dus denk er eens over na, wat wil jij meegeven aan jouw kinderen?

Schrijfoefening voor meer bewustwording over jouw opvoeding

Stap 1: Reflectie op je eigen programmering

Neem een moment om rustig te zitten en denk terug aan je jeugd. Schrijf vijf overtuigingen of gewoontes op die je hebt meegekregen van je ouders of verzorgers. Bijvoorbeeld: “Je moet hard werken om iets te bereiken,”, “Het tonen van emoties is een teken van zwakte.” Of “Zaterdag eten we altijd patat.”

Tip! Vind je het lastig om te bedenken welke overtuigingen of gewoonten jij vanuit je opvoeding hebt meegekregen? Stel jezelf dan eerst de vragen:

  • Wat werd er vaak tegen jou gezegd door je ouders of grootouders? Denk aan: veelvoorkomende uitdrukkingen, adviezen of waarschuwingen die je hebt gehoord.
  • Welke regels of normen waren er thuis belangrijk en werden altijd nageleefd? Dit kunnen huishoudelijke regels zijn, gedragsregels, of normen rondom schoolwerk en vrije tijd.
  • Wat deden jullie altijd of vaak hetzelfde gedurende de week? Denk aan: terugkerende activiteiten, familierituelen, of vaste eetgewoontes.
  • Hoe werd er bij jullie thuis omgegaan met emoties zoals boosheid, verdriet, en vreugde? Was er ruimte om emoties te tonen of werden bepaalde emoties ontmoedigd?
  • Wat werd er thuis als belangrijk of waardevol gezien? Denk aan: waarden zoals hard werken, eerlijkheid, behulpzaamheid, of het nastreven van succes.

Beantwoord vervolgens voor elke overtuiging of gewoonte, de volgende vragen:

  • Hoe beïnvloedt deze overtuiging of gewoonte mijn dagelijkse leven?
  • Vind ik deze overtuiging of gewoonte helpend of beperkend? Waarom?

Kies één overtuiging of gewoonte die je als beperkend ervaart. Schrijf op hoe je deze overtuiging of gewoonte zou willen veranderen en wat voor positieve impact dit op je leven zou kunnen hebben.

Stap 2: De overdracht naar je kinderen

Schrijf op welke van de vijf overtuigingen of gewoontes je bewust of onbewust hebt doorgegeven aan je kinderen.

Beantwoord de volgende vragen voor elke overtuiging:

  • Vind ik het belangrijk dat mijn kinderen deze overtuiging of gewoonte overnemen? Waarom wel of niet?
  • Zo niet, welke overtuigingen of gewoonte zou ik liever aan mijn kinderen meegeven?

Schrijf een korte dialoog uit voor jezelf waarin je met je kinderen praat over één van deze overtuigingen. Hoe zou je hen uitleggen waarom je deze overtuiging of gewoonte belangrijk vindt, of juist waarom je wilt dat zij een andere weg inslaan?

Stap 3: Zelfbeeld en de toekomst

Denk eens na over je eigen zelfbeeld. Welke overtuigingen of gedachten heb je over jezelf? Schrijf er drie op. Bijvoorbeeld: “Ik altijd stil, mensen zullen mij wel saai vinden.”, “Ik ben niet goed genoeg als ik faal.” of “Ik ben pas mooi als ik wat kilo’s lichter ben.”

Beantwoord vervolgens de volgende vragen voor elke overtuiging of gedachten die jij hebt over jezelf:

  • Wil ik dat mijn kinderen dezelfde gedachten over zichzelf hebben? Waarom wel of niet?
  • Hoe kan ik mijn zelfbeeld aanpassen om een positief voorbeeld voor mijn kinderen te zijn?

Schrijf tot slot een affirmatie voor jezelf die je dagelijks kunt herhalen om je nieuwe, positieve zelfbeeld te versterken. Bijvoorbeeld: “Ik ben waardevol en verdien liefde en respect.” Tip! Maak ook affirmaties met je kind samen. Onderaan dit artikel vind je een leuke oefening om dit te doen op spelenderwijs.

Programmeringen creëren en meegeven in jouw opvoeding

Programmeringen meegeven begint bij jezelf, jij geeft het voorbeeld wat kinderen na doen. Dus is het mooi om te kijken hoe jij tegen jezelf praat, op welke manier je in het leven staat en hoe jij naar jouw naasten kijkt. Dit geef je door! Daarnaast kan je ook bewust ruimte maken om nieuwe programmeringen te installeren bij kinderen. Je kan bijvoorbeeld verhalen gebruiken om een bepaalde kijk over te dragen aan kinderen. Laat de hoofdpersoon uitdagingen meemaken die vergelijkbaar zijn met die van het kind en ontdek samen welke reacties mogelijk zijn. Of maak een spelletje van om kinderen elkaar complimentjes te laten geven, schrijvend of sprekend. Doe zelf ook mee! Je geeft daarmee een mooi voorbeeld én het is ook hartstikke leuk voor jouw eigen ontwikkeling door te zien waar kinderen mee komen.

3 leuke oefeningen om spelenderwijs het kinderbrein te programmeren!

1. Eigen affirmaties bedenken

Bedenk samen affirmaties! Pak stiften en kaartjes waarop je kunt schrijven. Stel vragen zoals ‘Wat zou je elke dag tegen … willen zeggen?’ of ‘Wat maakt jou blij om aan te denken?’. Schrijf ze op, maak er mooie kunstwerkjes van en pak iedere ochtend samen een kaartje voor die dag en sluit de dag er ook mee af.

2. Verhalen maken

Verzin samen met je kind verhaaltjes. Bedenk een hoofdpersoon die uitdagingen heeft die je kind ook ervaart. En ontdek samen voor welke reacties de hoofdpersoon kan gaan.

Bijvoorbeeld: emotie eruit laten, meteen doorstomen, vooral voor anderen zorgen, uitspreken waar je tegen aanloopt, probleem negeren en wat anders gaan doen, alleen op je kamer gaan zitten, je probleem delen en kijken welke oplossing goed is.

Nadat je allerlei opties hebt bedacht, kun je samen bedenken wat een goede manier zou zijn voor de hoofdpersoon om in balans te blijven.

3. Complimenten spel. 

Speel met meerdere kinderen (én volwassenen) een spel waarbij je complimenten geeft over iemand. Plak deze bijvoorbeeld op post-its op iemands rug en ga door tot iedereen complimenten gegeven heeft. Daarna kan je ze samen of alleen bekijken en delen hoe het is om complimenten te geven en ontvangen.

Een ontspannen, blije en gelukkige ouder zijn

Zou jij wel meer willen leren over opvoeding, het kinderbrein, kinderen en hun gedrag? Misschien twijfel je wel eens of je op de goede weg zit of ben je op zoek naar hulp bij de opvoeding? Dan is de inspiratiesessie ‘Opvoeding – kinderen en hun gedrag’ wat voor jou.

gedragsproblemen, opvoedcoach, opvoeden, gedrag van kinderen